Klik op 'Terug' om op deze pagina te blijven.
Waarom de wederopbouw in Haïti moeilijk verloopt
De aardbeving in 2010 trof het economische en bestuurlijke hart van Haïti. Het herstel van gebouwen, wegen en instellingen heeft veel tijd nodig. Niet alleen de grote hoeveelheid puin en het gebrek aan materialen zorgt voor vertraging. De hulpverlening wordt ook gehinderd door politieke en sociale onrust en een niet effectieve overheid.
De situatie in Haïti is complex omdat:
- de ramp plaatsvond in een van de armste landen van het westelijk halfrond,
- in de stedelijke gebieden, ook voor de ramp veel mensen dicht op elkaar en in slechte huisvesting leefden,
- de politieke situatie al instabiel was,
- het land een gebrek heeft aan materialen en producten voor de wederopbouw Deze moeten uit het buitenland komen, wat veel tijd en geld kost.
- veel grond in Haïti eigendom is van particuliere landeigenaren (zo ook het grootste deel van de grond waarop de tentenkampen staan). Er kan niet zomaar overal worden gebouwd
- onveilige situaties, zoals verkiezingsdemonstraties en sociale onrust, ervoor zorgden dat hulpoperaties soms tijdelijk moeten worden stilgelegd.
Het lijkt wel of er nauwelijks iets veranderd op Haïti, hoe kan dat?
Al voor de aardbeving was Haïti een extreem arm land. Het land had een slechte infrastructuur en weinig publieke diensten, zoals structurele watervoorzieningen of onderwijs, 80% van de bevolking leefde van minder dan twee dollar per dag en woonde in slechte huizen zonder water of wasgelegenheid. Dit was de situatie voor de ramp. In dat licht moeten we ook de huidige situatie bekijken.
Het is onrealistisch om te verwachten dat na twee jaar de wederopbouw al bijna afgerond zou zijn. De Tsunami in de Indische oceaan in 2004 of de aardbeving in 1995 in Kobe, Japan en zelfs dichter bij huis de vuurwerkramp in Enschede laten zien dat wederopbouw langzaam gaat. In Japan, een rijk land met veel middelen om de 300.000 daklozen na de aardbeving weer onderdak te helpen, bleek het zeven jaar te duren voordat het inkomen en de bedrijvigheid in de industrie weer op het oude peil waren. En bij ons duurde het vijf jaar voordat een enkele wijk in Enschede was herbouwd. Laat staan in een land als Haïti, het armste op het westelijk halfrond waar voor de aardbeving maar 5% van de wegen in goede conditie waren en 80% van de bevolking van twee dollar per dag moest rondkomen en 75% niet over elektriciteit beschikten.
Maar er is wel vooruitgang
Na de aardbeving leefden 1,5 miljoen mensen in tentenkampen. Nu na twee jaar zijn dat er nog ongeveer een half miljoen. Een daling van tweederde.
Ook ligt er nog veel puin in Haïti, maar ongeveer de helft is inmiddels verwijderd. Dat lijk weinig, maar dat betekent dat er al vijf miljoen kubieke meter puin is geruimd. Ter vergelijking, dat betekent dat er in Haïti sneller opgeruimd wordt dan dat bij het World Trade Center in New York gebeurde. Of in Atjeh, Indonesië waar het 5,5 jaar kostte om 1,3 miljoen kubieke meter puin te ruimen.
Bouw een virtueel huis in Haïti
Leg zelf de fundering
Nodig je vrienden uit om mee te bouwen
Van je donatie worden echte huizen gebouwd